Info

Dorien Knockaert

Posts tagged OOst-Indische kers

15210701615_3da8e25ea6_o
Omdat onze tuin in augustus wat verwaarloosd werd, staat er erg veel Oost-Indische kers in. Die zaait zichzelf elk jaar wat meer uit en overwoekert gaandeweg de zonnekant met een zee van schelpvormige blaadjes en feloranje bloemen.
Niet echt erg, dus.
Maar vandaag besloot ik de andere planten toch weer wat licht en regen te geven en trok ik een paar Oost-Indiërs kordaat uit de grond. Ook dat is niet echt erg, want je kunt de hele plant eten. De bloemen gingen in een vaas (en morgen misschien op toastjes), de blaadjes in de pan (met olijfolie en knoflook), de stelen gingen als mulch op het snijbietbed. En van de groene zaden maakte ik kappertjes.
Jaren geleden las ik al dat je de jonge, onrijpe zaden van Oost-Indische kers tot kappertjes kunt verwerken. Sindsdien loop ik elke zomer te denken: ‘ik zal er wel weer geen tijd voor hebben dit jaar’.
Dit jaar ontdekte ik dat het nauwelijks tijd vergt. En dat Oost-Indische kappertjes minstens even lekker zijn als de vertrouwde kappertjes van de kappertjesstruik. Minder kappertjesachtig, maar wel lekker knapperig, met een frisse peperigheid die het pekelen mooi overleeft.

15210736775_4a3c9d19cb_o
Pluk alle groene zaadbolletjes. Kleine, grote, alles kan zolang het nog groen en knapperig is. Was ze.
Los in een potje ongeveer 1 deel zout op in 3 delen water, zodat je een sterke pekel krijgt. Schep er de zaden in. Laat ze enkele dagen in de pekel liggen.
Giet ze daarna af. Verhit een kopje witte-wijnazijn en los er een theelepel suiker in op (of meer of minder, naar smaak).
Schep de Oost-Indische kappertjes in een brandschoon glazen potje dat bij voorkeur precies groot genoeg is. Giet er azijnmengsel over tot de kappertjes onder staan. Klaar.
De kappertjes worden nog lekkerder als ze enkele weken kunnen trekken in de azijn. Bewaar ze op een koele, donkere plaats. Ze zullen hun frisgroene kleur verliezen, daar is bij mijn weten niets aan te doen.
Ik plukte vandaag al mijn derde potje zaden bijeen, en zelfs na de opruimactie in de tuin, blijven er genoeg Oost-Indiërs over om me in de komende weken nog minstens een paar potjes te gunnen, schat ik.
Wat een plant, wat een plant.

15210742145_c2fdab6e53_o
15207674651_7b8fa4f657_o

13677337575_4aeab404a0_o
Voor de tweede lente op rij wordt mijn nog kale begin-apriltuin elke dag wat meer gevuld door dit plantje. Look-zonder-look, leerde ik vorig jaar al. En dat het eetbaar is. Het is geen familie van de knoflook, maar het smaakt er wel naar. En ook wat mosterdachtig.
Onkruid eten, superleuk natuurlijk, in theorie. Ik schoof het voor me uit.

13678551565_06a4cb032e_o
In november, toen het onkruid in mijn tuin al was geweken voor allerlei groenten en zomerbloemen, kreeg ik de kans om op plukwandeling te gaan met de Deense topkok René Redzepi, boegbeeld van de wildplukgastronomie. We trokken op speurtocht in het Amsterdamse Vondelpark en verbaasden ons erover dat je zelfs daar, in de herfst, zoveel eetbaars aantreft. Er stond ook nog een klein beetje look-zonder-look. ‘De bloemknoppen zijn heerlijk in de lente’, zei Redzepi. En ik schaamde mij omdat ik ze niet eens had geproefd.

13677315995_83b9ee6c16_o
Nu zijn ze terug. Ik heb er vandaag spaghetti mee gemaakt. Een heel gewone spaghetti. Tot de wildernis erbij gaat, natuurlijk. Ah, zoveel plezier, gratis en voor niks en in een kwartier gefikst.

Look-zonder-look is ‘vrij algemeen te vinden in bosachtige omgevingen, parken en plantsoenen’, lees ik in Het Grote Wildplukboek van Edwin Florès. De planten kunnen 15 tot 120 cm groot zijn, vertelt Alys Fowler in The Thrifty Forager, en ze zoeken graag wat schaduw op.
Hoewel er deze tijd van het jaar nog veel open ruimte is in mijn tuin, groeit de look-zonder-look steevast vlak tegen de muur of vlak tegen een andere plant. ‘It basically likes to hug something’, schrijft Fowler. Een roerende eigenschap om een plantje aan te herkennen.

Spaghetti met broccoli, gemarineerde tomaatjes, plukpesto en bloemen

Voor 4 personen, hoofdgerecht:
de pesto:
ca. 50 g blaadjes van look-zonder-look (kies de teerste blaadjes)
ca. 50 g rucola
ca 50 g blaadjes van Oost-Indische kers
> allemaal inwisselbaar met andere blaadjes zoals platte peterselie, basilicum, postelein, daslook… ik voegde vandaag ook een heel klein restje spinazie toe dat nog in onze tuin stond
50 g noten (ik gebruikte 25 g geroosterde amandelen en 25 g pistaches)
peper, zout, olijfolie, notenolie (ik gebruikte ook een beetje hennepolie)

de rest:
400 g spaghetti
2 teentjes knoflook
200 g gemarineerde tomaatjes (halfgedroogde/gekonfijte), uitgelekt en klein gesneden
kleine roosjes van 1 broccoli (houd de steeltjes voor iets anders)
Parmezaanse kaas
Handvol bloemetjes en bloemknopjes van look-zonder-look
Handvol bloemen van Oost-Indische kers
Lekker kruidige olijfolie

1. Maak eerst de pesto. Hak in een keukenmachine de noten fijn en voeg de blaadjes toe, met een scheut olijfolie en een snuf peper en zout. Mix alles tot een gladde saus. Breng op smaak met peper, zout en smakelijke olie (olijfolie, notenolie, hennepolie… volgens beschikbaarheid en smaak). Als je geen lookachtige blaadjes gebruikt, kun je wat geperste knoflook toevoegen.
2. Breng een grote pot water aan de kook, voeg zout toe en kook er de spaghetti beetgaar in.
3. Verwarm intussen in een grote pan een scheut olijfolie en de tomaatjes. Als de spaghetti bijna gaar is, voeg je de broccoli toe aan de tomaatjes, draai je het vuur heter en schep je de spaghetti op de broccoli, samen met nog enkele scheppen kookvocht. Roer om tot de broccoli beetgaar is.
4. Haal de pan van het vuur en roer naar smaak pesto door de spaghetti (je zult misschien nog wat pesto overhebben, die is morgen lekker in de soep, of je kunt hem invriezen). Breng de spaghetti op smaak met kaas, peper en zout. Voeg extra kookvocht toe als je alles wat gladder wilt hebben.
5. Schep in elk bord wat van de spaghetti. Sprenkel er een klein beetje extra olijfolie over en werk de borden af met de bloemen. (Als de bloemen van Oost-Indische kers je wat te theatraal zijn, dan kun je er mooie oranje snippers van maken)