Informatie

Dorien Knockaert

Posts tagged glutenvrij

15792863209_3642f68fff_o
Ik fantaseer graag over het eethuis dat ik zou uitbaten.
Het zou in een woonbuurt zijn, in een pand met grote ramen. Er zouden elke dag verse kranten liggen en er zouden karaffen klaarstaan met gratis kraanwater. Er zou goede thee zijn, zachte muziek, een rek met lievelingsboeken. Er zouden lieve, rustige mensen werken.

15978554412_a9421d5ec8_o
Maar het eten zou natuurlijk voor alles gaan. Geen kaart met veel keuze, maar elke dag een paar dagschotels, soep, een paar boterhammen. Curry’s, quiches, falafel, geroosterde groenten, noedelsoep. Pittenpaté met gezuurde wortel. Gezond, huiselijk, alles vegetarisch en veel veganistisch, geïnspireerd door de groenten van een leuke bioboer uit de streek. Betaalbaar, omdat het liefdevol maar niet fancy zou zijn. Er zouden altijd wel een paar potten klaarstaan met zelf ingemaakte pickles, chutney of zuurkool. Er zou een licht gebakje uit de oven komen, iets wat je bij de koffie kunt nemen zonder meteen je dag te versuikeren. Je zou dat allemaal ter plaatse kunnen eten, maar je zou het ook mee naar huis kunnen nemen, bij voorkeur in potten die je zelf hebt meegebracht.
En wie dat allemaal fijn zou vinden, zou me ook kunnen inhuren voor feesten en backstagekeukens, want daar zou ik nog altijd even graag koken als op mijn eigen wonderlijke plek.

15793142507_6265177b29_o
Die plek bestaat nu, met alles erop en eraan. Het is niet mijn eethuis, het is van mijn broer. Blijkbaar zit zo’n fantasie in de genen. Mijn broer heeft samen met Lara en Ben een traiteurzaak/weekdagrestaurant geopend in de Van Schoonbekestraat in Antwerpen, de straat die de Lange Lozannastraat verbindt met het park Hof Van Leysen. De naam is Lara Kookt Voor U, omdat Lara al een cateringzaak had onder die vlag, en omdat ze een mooie naam heeft. Maar mijn broer Floris kookt ook voor u en ik ben nog veel trotser op hem dan ik dacht dat ik zou zijn, omdat elk hoekje en elk kruimeltje en elke maaltijd uit de koeltoog daar in de Van Schoonbekestraat zo ongelooflijk naar mijn hart is.

Vergeef me dat ik daar enigszins dweperig in ben. Maar ik hoop echt dat heel Antwerpen de weg vindt naar dat hoekpand dat zo gloeit van het kookplezier. En daarna wens ik elke stad ter wereld haar Lara, Ben en Floris toe.

Lara Kookt Voor U
Maandag – vrijdag 10-19u
Altijd 2 dagschotels waarvan 1 veganistisch, voorts boterhammen, soep, zoets, granola, drankjes. Alles kan meegenomen worden.
Catering op aanvraag
Van Schoonbekestraat 158
2018 Antwerpen
tel. 03/265 70 58
gsm. 0472/972 677

15978888915_d3b7768ec5_o
15791600320_9de0bb22b1_o

15791799578_c92f6c2d8c_o
15953143586_48945190e3_o15978255812_575f325acf_o15791591068_a297eb3767_o15976917871_eaf94cdaf5_o15793538877_25c12bf06c_o15953182236_26945d04ca_o15791672900_cf5208ed35_o

gebakken rijst
Niets ziet er zieliger uit dan een restje rijst na een nacht in de koelkast. Opgedroogd, geklonterd, het zetmeel gestold tot een taaie korrel. Wat kun je daar in godsnaam nog aan smakelijks mee doen?
Bakken!
Rijst van gisteren is perfect om gebakken rijst van te maken. Je kunt het nasi goreng noemen, al kies je zelf hoe Aziatisch je het maakt.
Dit is het basisrecept voor gebakken rijst met groenten en een ei:
Begin altijd met een gesnipperde ui, die je fruit in olie, in een ruime pan.
Voeg naar wens knoflook of gember toe. Citroengras kan ook, of specerijen.
Voeg daarna de gekookte rijst toe (één kopje is al genoeg voor 2 personen). Roer hem heel grondig los. Elk korreltje moet ingesmeerd raken met de smaakvolle olie.
Als de rijst goed verhit is, voeg je de groenten toe die je knapperig wilt houden: fijne reepjes van prei, lente-ui, wortel, radijs, daikon, erwtjes… Zodra ze mee zijn opgewarmd, zijn ze al gaar genoeg.
Wil je een extra rijke rijstschotel maken, dan kun je in deze fase ook gebakken tofoe of paddenstoelen toevoegen, of geroosterde cashewnoten.
Breng het rijstmengsel op smaak met iets zouts (zout, vissaus, sojasaus…), iets zuurs (citroen, limoen, azijn…) en iets pikants (chilipeper, sambal…). Strooi er verse kruiden over, als je die in huis of tuin hebt (koriander, munt, bieslook, citroenmelisse…)
Bak in een apart pannetje een spiegelei per persoon. Leg het op de gebakken rijst. Smakelijk.

En dit zijn combinaties die mij al goed bevielen (altijd met ui en kruiding):
– Gebakken rijst + wortel- en preireepjes + ei (low-budget)
– Gebakken rijst + paddenstoelen + veel lente-ui
– Gebakken rijst + preireepjes + citroenzeste + tofoeblokjes + geroosterde cashewnoten
– Gebakken rijst + lente-ui + wortel + veel radijs + ei (lente)
– Maar de mogelijkheden zijn eindeloos.

Foto: Ivan Put voor De Standaard Magazine

IMG_0003
Hoe klein ons landje ook is, ik kan nog altijd op de meest onverwachte momenten het gevoel krijgen op reis te zijn. Als ik verrast word door een plek met karakter, mijn zintuigen op scherp springen, de tijd plots een beetje minder dringt… Het waaide me toe toen ik voor dit recept inkopen ging doen in Genk, op een van de eerste hete dagen van het jaar. De zaterdagmarkt was in volle gang en deed de winkelstraat ruiken naar perziken en abrikozen.
Ik was daar niet zomaar om boodschappen te doen (zou een beetje onpraktisch zijn, zo vanuit Borgerhout). Ik was gevraagd om een recept te maken voor de Vennestraat, de winkelstraat die vertrekt vanaf de voormalige mijn van Winterslag, en die dankzij het mijnverleden nog altijd een charmante multiculturele mix huisvest. Vooral voor Italiaanse waren ken ik in Vlaanderen niet meteen een plek waar het aanbod zo uitgebreid is.
De Vennestraat is heraangelegd en dat wordt nu gevierd, onder meer met recepten, picknicktafels, concerten en feestelijke autoloze zaterdagen die nog tot half september lopen. En als je zo’n feest- of marktdag in de Vennestraat combineert met een bezoek aan de heringerichte mijnsite (C-mine), dan heb je werkelijk een plezierige uitstap in eigen land gemaakt – makkelijk uit te breiden tot een tweedaagse Limburgtrip, want Bokrijk is ook dichtbij en in mijn herinnering is dat een van de best denkbare zomerse bestemmingen. Het moet niet altijd IJsland of New York zijn, denk ik nog altijd graag.
Mijn Vennestraatrecept werd er een voor gluten- en zuivelvrije cannelloni, geïnspireerd op L’Incontro, de Italiaanse fijnproeverswinkel van Rocco en Cinzia. Ik werd er getrakteerd op een perfecte espresso en kreeg er een gemoedelijke uitleg bij de Zuid-Italiaanse specialiteiten en het glutenvrije aanbod dat Cinzia aan het uitbouwen is. Cinzia verdraagt zelf gluten noch lactose en ik vond het maar fair om in ruil voor haar warme ontvangst een recept te schrijven waar ze zelf iets mee aan kan. Cannelloni dus voor veganisten en glutenmijders, maar ook voor al wie zin heeft in iets zonnigs, puurs en lichts.
(In New York zouden ze er veel voor betalen, beste lezers, en in IJsland kunnen ze er vast alleen maar van dromen.)

Voor ongeveer 14 rolletjes:
1 kleine bloemkool, in roosjes en stukjes verdeeld
zuinige tl gerookt paprikapoeder
1 teen knoflook, fijngesneden
1 tl fijngesneden verse rozemarijn
50 g geschaafde amandelen + enkele el om te garneren
1 ui, fijngesneden
1 el venkelzaad
ca. 700 g tomatenpassata
ca. 200 g glutenvrije* cannelloni (als je gluten perfect verdraagt, kun je natuurlijk gewone cannelloni nemen)
6 el kappertjes, afgespoeld en uitgelekt
olijfolie, zout, peper

Handig materiaal:
– spuitzak met een brede spuitmond
– stoommandje of -oven

1. Bereid eerst de bloemkoolvulling. Verhit wat olijfolie in een grote pan, laat de bloemkoolroosjes er licht in bruinen, temper daarna het vuur en roer het gerookt paprikapoeder, de rozemarijn, een snuf zout en de knoflook door de bloemkool. Laat de bloemkool verder garen tot de kleinste stukjes zacht zijn en de grotere stukjes nog een lichte beet hebben.
2. Neem ruim de helft van de bloemkool apart en mix hem. Voeg wat water en een scheutje olijfolie toe tot je een smeuïge crème hebt. Voeg de rest van de bloemkool toe en mix of prak die lichtjes, tot je een consistentie hebt die jou bevalt. Je kunt alles tot crème mixen, maar ik heb graag nog wat beet aan de vulling.
3. Rooster de amandelen in een hete, droge pan tot ze licht verkleuren (opgepast, ze verbranden snel). Voeg ze, op enkele lepels na, toe aan de bloemkool. Check de smaak van het mengsel en voeg indien nodig nog zout, peper, knoflook of rozemarijn toe.
4. Maak de saus. Fruit de ui met het venkelzaad in een pan met wat olie. Voeg de tomatenpassata toe en laat de saus minstens 5 minuten sudderen. Breng hem op smaak met peper en zout (je kunt ook wat chilipeper gebruiken). Zet hem opzij.
5. Vul de cannellonibuisjes met het bloemkoolmengsel. Dit gaat het makkelijkst met een spuitzak, op voorwaarde dat je een voldoende grote opening hebt. Anders kun je het met een klein lepeltje doen.
6. Stoom de gevulde cannelloni gaar (in 5 tot 10 minuten, afhankelijk van je cannelloni en je materiaal). Zorg ervoor dat je saus klaarstaat, indien nodig opnieuw opgewarmd.
7. Schik de cannelloni op een schaal of op borden. Schep er saus over en strooi er kappertjes en wat amandelschaafsel over. Smakelijk.

* Ik kocht behoorlijk lekkere glutenvrije cannelloni bij L’Incontro in Genk en ik ben er vrij gerust op dat je er ook kunt kopen bij Gusta in Antwerpen. Ken je nog een winkel die ze verkoopt? Meld het dan zeker in het commentaarvakje hieronder.

14933677702_17c7d4c074_o

Je kunt nooit te veel courgettes hebben. Dat is nu bewezen. Vorig weekend liet ik mij verleiden om een volle kist courgettes te kopen, terwijl ik thuis nog zeker drie stuks had liggen. En ik zal u iets zeggen: ik zou alweer een nieuwe kist in huis halen.
Wat deed ik er allemaal mee?

1. Een simpele stoofpot maken
13746595213_9e962e32d2_k

Dit is mijn oudste courgetteherinnering en meestal ook het eerste wat ik maak als het courgetteseizoen aanbreekt. Ik wilde het graag in De Moestuin van Mme Zsazsa en Els maakte deze toch wel erg gezellige foto van mij en mijn geliefde stoofpot, maar het sneuvelde op het laatste moment. Sommige mensen aan wie ik een mening vroeg, vonden het wat gewoontjes.
Ik apprecieer hun eerlijkheid, maar ik zeg: soms kan het voor mij niet gewoontjes genoeg zijn. Met die zalige ui-tomaat-door-en-door-zachte-courgettecombinatie en die olijfolie. En dat je daar dan een stuk brood in kunt soppen.

Simpele courgettestoofpot
Voor 4 personen:
4 sjalotten of 2 kleine uien, gesnipperd
1 teen knoflook, geperst
1 tl gedroogde oregano
ca. 600 g courgettes, in grote stukken
4 tomaten, in kwarten
zout, peper, olijfolie, citroen
lekkere extra: gekruimelde fetakaas
1. Stoof de ui glazig in olie, in een stevige pot waar een deksel op past. Laat de ui minstens tien minuten zacht worden, samen met de oregano en de knoflook. (Intussen kun je de andere groenten klaarmaken)
2. Voeg de courgettestukken toe en roer ze goed, zodat ze wat van de olie opnemen. Strooi er peper en zout over. Leg daarop de tomatenstukken. Dek de pot af.
3. Laat alles ongeveer een halfuur sudderen, tot de courgettes zacht worden en de tomaten een saus vormen. Haal het deksel van de pot en laat de groenten nog minstens tien minuten sudderen, zodat de saus wat indikt. Breng ze op smaak met peper, zout, olijfolie en desnoods wat citroensap. Als je het stoofpotje als hoofdgerecht eet, is het lekker om er wat feta over te kruimelen.

2. Spaghetti maken

14911035226_ed41137eca_o
Een goeie manier om extra groenten in je dag te smokkelen én die ene overtollige courgette op te maken. Of om eens wat lichter te eten. Of om een glutenvrij etende mens blij te maken.
Ik moest even naar inspiratie zoeken, want tot nu toe at ik vooral courgettespaghetti met pesto-achtige, Italiaanse sausjes, en zo presenteerde ik het ook in De Moestuin van Mme Zsazsa. Maar deze keer had ik geen zin in iets pesto-achtigs. Gelukkig was ik net een beetje verliefd geworden op de combinatie tomaat-gember, en dat leidde me naar het volgende:

Courgettespaghetti met gember-tomatensaus, cashewnoten en dille
Per persoon:
1. Trek een kleine, lekker verse courgette in spaghettilinten. Ik doe dat met mijn mandoline, waar ik een extra juliennemesje in kan steken. Er bestaan ook juliennedunschillers. Of je kunt het – wat trager – gewoon met een mes doen.
2. Maak een eenvoudige, snelle tomatensaus met gember: snipper een teen knoflook en een duim gember, fruit ze in olie, voeg ongeveer een halve kilo gesneden tomaten toe, laat alles opkoken. Mix en zeef. Breng op smaak (zout en eventueel ook extra smaakmakers zoals wat siroop, sojasaus of curry)
3. Rooster de cashewnoten in een droog pannetje of in een oven op 180° tot ze verkleuren (maar laat ze niet verbranden). Breek ze in iets kleinere stukken (met je mes of door er eens met een stevige kom op te drukken).
4. Schep tomatensaus op een bord, schik er de courgettespaghetti op en versier die met nog een paar spikkels saus. Verdeel er de noten over en plukjes dille (die laatste staan niet op de foto omdat ik ze toen even vergeten was, maar ze zijn wel belangrijk voor de smaak. Je kunt ook andere verse kruiden proberen).

3. Boterzachte courgettes maken

14933643512_9231a419b2_o
Ergens halverwege vorige zomer dacht ik: ‘Nu weet ik het. Je moet courgettes gewoon in elke warme bereiding eerst laten bruinen, ALTIJD.’ Want ja, dat is natuurlijk lekker. En toen kwam ik bij Orangette deze ongebruinde courgettes tegen, en beschreef ze die zo aanstekelijk, dat ik ze wel moest proberen. Heerlijk. Lekker genoeg om gewoon als lunchgerecht met wat brood en/of schapenkaas te eten, maar ook prima met pasta en kruiden. Vorige week aten wij ze met kleefrijst, een restje gember-tomatensaus (zie hierboven, bij de courgettespaghetti), gebakken tofoeblokjes en geroosterde sesam. Zeer, zeer goed.

Boterzachte courgettes
1. Snijd enkele kleine courgettes in dikke plakken of staafjes.
2. Verwarm een laagje olie in een dikke pan, met enkele teentjes knoflook. De knoflook moet glazig worden, maar mag niet bruinen.
3. Vis de knoflook uit de olie en schep er nu de courgettes in. Voeg een snuf zout toe en indien gewenst wat kruiden zoals rozemarijn, of chilivlokken. Zet het vuur even wat hoger zodat de pan niet te veel afkoelt door de courgettes. Zodra je weer gesudder hoort, draai je het vuur op een klein pitje. De courgettes moeten langzaam zacht worden in de olie, maar niet bruinen. Na twintig tot veertig minuten zijn de courgettes boterzacht en klaar.

4. Grillen

14933650352_afbc87e190_o
Ligt er nog een courgette op een bestemming te wachten en heb je vijf minuten je handen vrij? Snijd hem dan in plakken en gril ze. Gegrilde courgettes blijven makkelijk een paar dagen goed in de koelkast en ze zijn lekker in de meest uiteenlopende bereidingen: slaatjes, pastagerechten, pizza’s. In De Moestuin van Mme Zsazsa staat een zeer aanbevelenswaardige salade van gegrilde courgettes met gegrilde paprika, pitfruit en pompoenpitten. Afgelopen week at ik mijn gegrilde courgettes vooral op de boterham, met een sausje van sesampasta, yoghurt en knoflook dat ik nog over had van de laatste barbecue, wat gekruimelde feta en wat munt uit de tuin.
Courgettes grillen is nog veel makkelijker dan ik dacht, zo leerde ik uit de Groentebijbel van Mari Maris. Je snijdt je courgettes in plakken en legt ze zonder olie in een heel hete grillpan. De olie zou toch maar oververhit raken (niet lekker en niet gezond), en ze is nergens voor nodig. Eerst zullen de plakjes even aan de pan kleven, maar daarna lossen ze en kun je ze omdraaien. Verzamel ze in een kom, met wat lekkere olie (nu wel), zout en citroensap.

5. Soep maken

14747421937_d200584df9_o
Ik had nog nooit courgettesoep gemaakt, denk ik, en heb ’s zomers ook helemaal geen zin in soep. Maar toen kwam ik in Echt Eten van Jonathan Karpathios een recept tegen voor courgette-currysoep met mosterd, en dat leek me toch wel heel geschikt om minder lekkere courgettes te verwerken. Courgettes worden weleens minder lekker als ze allang niet meer vers zijn of als ze te groot geworden zijn. Dan verdwijnt hun frisse, zachte zoetheid en hun leuke beet, maar je kunt ze nog wel gebruiken voor stevig gekruide soepen en stoofpotjes (ook voor het stoofpotje met tomaten dat hierboven staat). Het hangt een beetje af van de variëteit. Ik had vorig jaar courgettes die ook in wanstaltig groot formaat nog best goed smaakten.

Courgettesoep met curry en mosterd
Vrij naar een recept uit Echt Eten
1. Fruit twee grote gesnipperde uien en schep er een eetlepel currypoeder, een koffielepel paprikapoeder en twee fijngesneden teentjes knoflook bij. Laat alles enkele minuten garen, op een getemperd vuur.
2. Snijd één grote of vier kleine courgettes in blokjes. Roer ze door de uien. Zet de groenten ruimschoots onder in hete groentebouillon. Breng hem aan de kook en laat alles ongeveer twintig minuten sudderen. Mix daarna de soep. Ik mixte hem niet volledig omdat ik wat groene spikkels wilde behouden in de voorts nogal onbestemde kleur die je krijgt als je currypoeder, paprikapoeder en courgettes mixt.
3. Meng ongeveer 10 cl room met een lepel mosterd. Werk er naar smaak de soep mee af. Valt de soep te pikant uit, dan kun je nog wat room toevoegen (of veel croutons).

6. Inleggen

14747375150_34afae2edf_o
Inleggen klinkt alsof je er heel veel huisvrouwenwijsheid en tijd voor moet hebben, maar dat is allemaal relatief. Ik zorgde vorig weekend voor wat slaatjes bij een grote barbecue en dacht: daar moeten ook ingelegde courgettes bij. Het was het slaatje waar ik het minste werk aan had. En het voordeel is dat de overschot nog wekenlang goed blijft in de koelkast. Dit is dus ook een prima recept om een deel van je courgetteoogst te bewaren voor later.
Hoe ging ik te werk? Ik volgde min of meer het recept voor courgettes in ’t zuur in De Moestuin van Mme Zsazsa, dat op zijn beurt geïnspireerd is op de ‘quick pickled zucchini’ van Heidi Swanson. Het verschil was dat ik wat currypoeder toevoegde, met zeer leuk resultaat. Bij de barbecue, maar ook de volgende dag op de boterham.
Dat wordt dan zoiets:

Ingelegde courgettes met curry
Voor 2 bokaaltjes:
3 jonge courgettes, in dunne plakken
2-3 sjalotjes, in dunne ringen
1,5 el fijn zeezout
1 klein rood of groen pepertje, in dunne halve ringetjes (zonder zaadlijsten)
350 ml wittewijnazijn (of half ciderazijn, half witte wijn, naar smaak)
ca 60 g suiker (naar smaak)
currypoeder naar smaak
1. Meng de courgettes, de sjalotjes en het zout in een groot vergiet en zet dat in een kom die het vocht kan opvangen. Bedek het vergiet en zet het minstens een halfuur in de koelkast (enkele uren is nog beter, of een hele nacht).
2. Spoel de courgettes af, laat ze uitlekken, spreid ze uit over een schone vaatdoek en dep ze droog met een andere schone vaatdoek.
3. Vul de bokaaltjes met het courgettemengsel plus de chilipeper.
4. Giet de azijn in een steelpannetje en voeg de suiker toe. Breng het mengsel roerend aan de kook en zorg ervoor dat alle suiker oplost. Voeg een lepeltje currypoeder toe, proef en stuur de smaak bij met suiker, currypoeder en zout. Giet het mengsel over de courgettes in de bokaaltjes, zodat ze helemaal vol zijn. Sluit ze af, laat ze afkoelen en bewaar ze in de koelkast. Dit zijn geen gesteriliseerde conserven, je kunt ze dus niet onbeperkt bewaren, maar in de azijn blijven de courgettes doorgaans minstens enkele weken goed.

En dan kan er nog zoveel

In De Moestuin van Mme Zsazsa vind je ook recepten voor de zaligste gevulde courgette, een lichte groene zomercurry met courgettes, en een zeer gelukkig stemmende ovenschotel met Griekse pasta, tomaten en gegrilde courgettes en venkel.
En op deze eigenste website:
courgettegalette
boekweitnoedels met courgettes
– en ratatouille, natuurlijk

13337386733_ff91900a10_o
Kim had in haar tuin: broccoli, prei, snijbiet, schorseneren, ui en aardperen.
We kregen in die tuin een journalist op bezoek, die geen zuivel at.
Dus maakte ik zuivelvrije risotto met schorseneren en in de oven gestoofde prei. Een combinatie waar ik redelijk enthousiast over ben.
Snel een paar tips:
– Omdat ik geen kaas toevoegde, zocht ik iets anders wat een zoute smaakkick kon geven. Het werd een restje kleingesneden in zoutkorst gegaarde knolselderij dat nog in mijn diepvriezer zat. Supertip, al zeg ik het zelf. Het loont echt de moeite om af en toe een knolselder in zoutkorst te bakken en in kleine porties in te vriezen – niet alleen om hem als smaakmaker in risotto te gebruiken, maar ook voor groentetaarten, lasagne, soep, bouillon en stoofpotten.
– Ik ben totaal verslingerd geraakt aan in de oven gegaarde prei. Al was het even zoeken om de goede aanpak te vinden, want als je prei onafgedekt in de oven steekt, haal je niet het beste in de groente boven. Dek de ovenschaal dus af met een deksel of folie, en voeg royaal olie en zout toe. En een stukje citroen – hemels.
– De schorseneren en de knolselderij kookte ik mee met de rijst, en ik nam me voor om hem volgende keer extra fijn te snijden, zodat ze echt opgaan in de rijststructuur. Het zijn groenten die zich goed lenen om de rol van de rijst in risotto deels over te nemen, waardoor je een risotto krijgt met een interessantere voedingswaarde: meer groenten, minder geraffineerde koolhydraten. Als het ook nog eens lekker is, is dat mooi meegenomen.
– Omdat ik geen zelfgemaakte bouillon had staan, werkte ik met bouillon uit een potje (Morga is oké, vind ik). Ik kookte in de bouillon wel een paar schorseneren toe die te sterk vertakt waren om ze deftig te kunnen verwerken tot iets anders – uiteraard pas nadat ik ze grondig had schoongeschrobd. Schorseneren zijn geweldige smaakmakers in bouillon.
– Als je risotto maakt, breng je bouillon dan aan de kook voor je hem toevoegt, zodat de rijst niet afkoelt door de bouillon. Maak de bouillon iets minder sterk van smaak dan je het eindresultaat wilt hebben: hij zal immers nog inkoken in de risottopan.

13333236013_467f6c2285_o(1)

Risotto met schorseneren en in de oven gestoofde prei
Hoofdgerecht voor 3, uit de losse pols:
3 stevige preistengels (winkelformaat) of een gelijk volume kleintjes
vingerdik partje citroen (met schoongemaakte schil)
2 sjalotten of een kleine ui, gesnipperd
halve koffielepel gerookt paprikapoeder (pimenton de la vera, verkrijgbaar bij Gekruid.be en bij Dille & Kamille)
enkele takjes tijm of een halve koffielepel gedroogde tijm
1 mok risottorijst (goeie 150 g)
1/2 glas witte wijn of rosé (ik gebruik meestal een restje van een fles die al te lang open is)
klein koffiekopje fijngesneden knolselderij (bij voorkeur in zoutkorst gegaarde knolselderij, volgens dit recept, en anders gewone – gebruik dan wat meer gerookt paprikapoeder en tijm)
ca. 1 l ietwat flauwe groentebouillon
300 – 400 g schorseneren, geschrobd, geschild en klein gesneden (leg geschilde schorseneren klaar ijskoud water met een scheutje azijn, zo verkleuren ze niet te veel)
olijfolie, peper, zout

1. Verwarm de oven voor tot 180°. Verwijder de donkergroene stukken van de prei (die kun je later nog verwerken in soep of bouillon). Snijd de preistelen in de lengte open en spoel ze grondig uit, tot al het zand weg is. Snijd ze in duimlange stukken en schik die naast elkaar in een ovenschaal, met in het midden het citroenpartje. Giet er royaal olijfolie over en strooi er wat zout op. Dek de ovenschaal af met een deksel of aluminiumfolie. Zet ze in de oven voor ongeveer een uur. Schep de prei na een halfuur even om. De bedoeling is dat de prei door en door zacht wordt, en hier en daar bruint, maar zeker niet uitdroogt.
2. Maak intussen de risotto. Fruit de ui in een grote, stevige pot of pan in olijfolie. Voeg meteen het gerookt paprikapoeder, de tijm en een snuf zout toe. Temper het vuur en laat de uien en kruiden minstens vijf minuten garen en smaak ontwikkelen (ik laat ze altijd langer garen en maak intussen de rest van de groenten schoon). Breng in een kleinere pot of pan de bouillon aan de kook.
3. Draai het vuur weer wat heter en voeg de rijst toe aan de uien. Schep hem enkele minuten om, tot hij heet is. Giet er de wijn op (dit mag lekker sissen). Roer er de schorseneren en de knolselderij door.
4. Voeg enkele scheppen hete bouillon toe en roer hem door de rijst. Als de rijst al het vocht heeft opgenomen, voeg je weer een paar scheppen toe. Enzovoort, tot de rijst beetgaar is (of volledig zacht, als je dat liever hebt).
5. Breng de risotto op smaak met peper en zout. Schik er de prei op en druppel er wat van de citroenolie op waarin de prei gegaard is.