Info

Dorien Knockaert

Posts from the weekmenu Category

Nu het groenteboek goed en wel is afgewerkt en gelanceerd, kan de rust terugkeren in mijn keuken. Ze komt als geroepen.
De boer bepaalt in het weekend welke groenten we van hem krijgen. Op maandag levert hij ze in het afhaalpunt van ons voedselteam. Daarna kan het koken beginnen.
Weekkoken.
Weekkoken is niet: cannelloni of pizza of een groentetaart maken. Dat is voor het weekend. Weekkoken is wel: groenten bereiden tot ze lekker zijn, een dag of drie bewaren en een goede bouwsteen vormen voor een middag- of avondmaal, vandaag, morgen of overmorgen.
Het liefst bereid ik op maandag- of dinsdagavond gewoon alle groenten in één keer.
Dan zegt een zorgzame stem in mijn hoofd: ge zijt toch weeral efkes gesteld.

13974385265_32db5955c1_o
Vandaag was dit het uitgangspunt. En twee uur koken later – intussen holde ik ook even naar de winkel om sinaasappels, hield ik de afwas bij en gaf ik mijn tuin te drinken van al het groentespoelwater uit de slazwierder – was dit het resultaat:

weekmenu
– De courgettes waren de eerste van het jaar en ik wou ze klaarmaken op de oermanier, de manier waarop courgettes ooit in mijn leven kwamen: platgestoofd in olijfolie met wat knoflook en rozemarijn. Blijft nog makkelijk goed tot vrijdag, en ik denk dat ik er boekweitnoedels en parmezaan bij ga eten, misschien met wat tomatenpassata. Of ik schep het hele stoofsel op een toast met mozzarella en basilicum. (Helemaal aan het eind van de kooktijd roerde ik er de steeltjes van de radijzen door, niet dat die veel betekenen voor de smaak, ’t is dat ik er ergens mee moest blijven.)
– De prei kreeg mijn favoriete preibehandeling van het moment: dit recept, maar dan zonder de risotto. Ik denk dat ik mijn prei deze week met wat linzen ga eten, of een gebakken ei, of allebei.
– Het preigroen sneed ik in stukken en zette ik op in een grote pot water, samen met wat kruiden en groenterestjes van afgelopen week: uiteinden van venkelstelen, peterseliesteeltjes, champignonsteeltjes, een verdroogd teentje look en een halve ui. Dik halfuur sudderen, daarna zeven en zouten. Lekkere bouillon voor een snelle soep (bvb met overschot van de ovenprei) of risotto, of om linzen in te koken.
– De bloemkool kreeg mijn favoriete bloemkoolbehandeling van het moment. Zo makkelijk en zo lekker. Ik denk dat ik hem morgen ga opeten met een restje rijst en een restje linzen van deze middag.
– De sla en de helft van de lente-uitjes kregen gewoon een fris bad. Dat wordt lekker lunchen met een hardgekookt eitje en mayonaise. Of met walnoten, rozijnen, vinaigrette en belegen kaas.
– De radijzen en de lente-uitjes herinnerden me aan een recept uit Green Box dat ik allang eens wou proberen, voor gemarineerde radijsjes met gebakken tempé. Ik kookte er snel in de drukkookpan basmatirijst bij en voilà, dat was al één volledige maaltijd. Het perfecte avondeten voor een vrouw die, moegekookt, nog even een verkwikkend hapje wil eten op haar terras.
Daarna maakte ik met een verwaarloosde knolselder van vorige week nog een pot chutney, voor later. Vooruitkoken, ik word daar zo gerust van.

13975593664_d3713fbc05_o
Lauwe salade van radijs, gembervinaigrette en gelakte tempé
(ook lekker zonder de tempé, als bijgerecht)

(Vrij naar een recept uit Green Box van Tim Mälzer)
Hoofdgerecht voor 2 personen, met basmatirijst erbij:
ca. 5 g verse gember, gehakt
2 el suiker
8 el sojasaus (3 voor de vinaigrette en 5 voor de marinade)
naar smaak: zout, witte wijnazijn en sesamolie (ik gebruikte er van niet-geroosterde sesam, neem anders een combinatie van geroosterde-sesamolie en neutralere olie)
knolletjes van 2 bosjes radijzen, in dunne plakken
200 g tempé (1 rolletje), in kleine blokjes
sap van 1 sinaasappel1 el vloeibare honing
1 bosje lente-uitjes, fijngesneden

1. Maak eerst de vinaigrette voor de radijzen: meng de gember met de suiker en 3 el sojasaus. Breng op smaak met sesamolie, azijn en misschien nog wat zout. De azijn mag stevig weerwerk bieden aan de sojasaus. Roer er de radijzen door en zet ze opzij.
2. Maak de marinade voor de tempé klaar: roer de overige 5 el sojasaus met de honing door het sinaasappelsap.
3. Verhit een laagje olie in een grote pan en bak de tempéblokjes goudbruin en krokant. Laat ze even uitlekken op een stuk keukenpapier. Veeg de resterende olie uit de pan. Schep de tempé weer in de pan, giet er de marinade over en laat die inkoken tot ze een stroperig jasje rond de tempéblokjes vormt.
4. Schep de radijzen uit de vinaigrette en leg ze op een schaal. Verdeel er de tempéblokjes en de lente-uitjes over. Serveer in een apart kommetje de resterende vinaigrette. Lekker met basmatirijst. ’s Zomers waarschijnlijk ook heel lekker met verse koriander.

Eerst was er de mail van de groenteboer. Deze week zou hij vogelmuur in ons mandje steken, vogelmuur van eigen teelt. ‘Wordt beschouwd als een onkruid, maar is heel lekker rauw in een slaatje.’ Voorts zou er postelein bij zitten. In Amerika hoort dat ook bij het onkruid, zegt Wikipedia. Lees meer

Ik probeer voortaan ook weekmenu’s te maken!
Omdat ik er niets dan goede dingen over hoor:
het zou lang verdwaalde sokken weer samen brengen,
psychoanalyse, gelnagels en bachbloesems overbodig maken
en verhinderen dat de postbode altijd aanbelt als je je zakkigste pyjama aan hebt.
Ook moet gezegd dat de coördinatie tussen kopen, koken en eten hier wel wat beter kan.
En dat ik soms
echt wel
baat heb
bij meer
structuur.
(meer…)