Info

Dorien Knockaert

kaneelbroodjes

Kerstmis, dus.
Gisteren zat ik in een museumcafé te werken (museumcafés = wifi) en aan het tafeltje naast mij zaten twee dagjesmensen. Een paar, vijftigers. Zij vertelde onverstoorbaar: ‘Ik zal de tafel niet op voorhand kunnen dekken dit jaar want met het aperitief blablabla. De hapjes blablabla cadeaubonnen blablabla. Enzovoort.’ Hij knikte maar dacht aan iets anders, iets onpeilbaars, misschien zijn kippenkot of misschien de quiz van de tennisclub of misschien een vrouw die hij eens zag bij de dokter. Het deerde geen van beiden.
Kerstmis. Onuitroeibare traditie. Je moét er iets mee doen.
Als kind vond ik onze twee kerstfeesten de mooiste twee dagen van het jaar.
Daarna ging ik denken: goed dan, al die kitsch en al dat gedoe brengen licht en warmte en uitbundigheid in de donkerste, koudste dagen van het jaar en als we ons er niet aan overgeven, gaan we collectief ten onder aan een depressie. Dat verhaal. Maar dat geloof ik nu niet meer.
Ik houd zo van het donker. De kou. De stilte.
En ook wel weer van Kerstmis, ja, omdat het een rustpunt geworden is. Minder werkdagen, meer tijd om mooie plekken en lieve mensen op te zoeken. Niet meer dan dat, maar ook niet minder.
Mijn ideale Kerstmis is een huis op een heuvelflank, waar mensen samenkomen en opgelucht ademhalen. Er is lekker, eenvoudig eten voorhanden en niemand heeft daar nog veel werk aan. Er is goede wijn. Er staat weinig te gebeuren. Het uitzicht is grandioos – dikke, donkerblauwe duisternis, bomen, hier en daar een lichtje in de vallei. Naast je bed ligt een goed boek klaar. En de volgende ochtend zijn er straffe koffie en kaneelbroodjes.
Het mooiste aan deze tijd van het jaar vind ik de schemering. Om dan te gaan lopen in het park in mijn straat, tussen de bijna eindeloos hoge bomen. De kou bijt in mijn longen. Het park wordt almaar stiller, de kleur trekt eruit weg, de kinderen gaan naar huis. En op het eind zijn er enkel nog schimmen, strepen, hier en daar een lantaarn, en gloei ik tot in de tippen van mijn vingers.

Ik ben dit jaar op geen enkel eindejaarsfeest gastvrouw. Maar dit zou mijn kerstmenu zijn:
Gegratineerde uiensoep
Paddenstoelenlasagne met waterkerssalade en goed brood
Appels uit de oven
Je kunt zowat alles op voorhand bereiden en je scheurt er je broek niet aan. Maar het is vooral alles wat ik nu verlang. Ik zal de recepten in de komende dagen bloggen. Mocht je toch wat meer weelde willen: tussen de soep en de lasagne kan je een salade steken van geroosterde groenten en geitenkaas (wil iemand daar ook een recept voor?), en bij de appels kan je vanille-ijs eten. Kaastaart met speculaas zou ook een geschikt dessert zijn – maar ik wil liever gewoon de appels. Als er kinderen bij zijn, zijn worstenbroodjes leuk als extra hapje vooraf. (Denk niet te snel dat kinderen geen uiensoep lusten. Ik stelde dat als kind bijzonder op prijs, zo’n loeihete kom uiensoep onder een deksel van toast en kaaskorst: onalledaags, extreem hartig en een beetje morsig).

Maar eerst: de kaneelbroodjes. Want die zijn het kerstigste van allemaal.
Kaneelbroodjes zijn oer-Scandinavisch. Dat is écht zo. Ik herinner me van onze reis naar Scandinavië weinig culinaire ontdekkingen, maar wel de kaneelbroodjes. Die waren telkens grandioos.
Dit recept is een licht aangepaste versie van dat van Heidi Swanson. Zij heeft het uit een Scandinavisch boek. Het resultaat is minder vettig dan de broodjes die ik me herinner uit Kopenhagen en Noorwegen, en dat is best oké. Let er vooral op dat je het deeg mooi laat rijzen – toch wel telkens enkele uren als het niet al te warm is in huis. Je kan het deeg helemaal klaarmaken en tot broodjes vormen, dan invriezen en moeiteloos bakken op kerstochtend.
Niet bang zijn van de kaneel, die is hier echt op zijn plaats.

Feestinspiratie uit eerdere jaren vind je hier.
Recepten voor cadeautjes: hier.

kaneel bis

Kaneelbroodjes
Voor 24 broodjes:
4 tl droge gist
240 ml warme volle melk
100 g blonde kandij of rietsuiker (of gewone suiker)
1 ei, losgeklopt
125 g boter, gesmolten
1 el gemalen kardamom
1 tl fijn zeezout
600 g bloem
vulling:
60 g bruine suiker
2 el kaneel
125 g boter, op kamertemperatuur
afwerking:
1 ei, losgeklopt met een lepel water
2 el ruwe rietsuiker of suikerkorrels (niet onmisbaar)

1. Roer de gist in een grote kom onder de warme melk, samen met een snuif suiker. Laat het mengsel enkele minuten staan, tot de oppervlakte ietwat schuimig wordt.
2. Voeg de resterende suiker toe, het ei, de boter en de kardemom. Roer ze tot een glad mengsel.
3. Roer het zout onder de bloem en spatel de bloem, schep voor schep, onder het beslag in de kom. Haal het deeg uit de kom en kneed het ongeveer tien minuten op het aanrecht (bestuif dat met wat bloem als je deeg te hard kleeft).
4. Leg het deeg weer in de kom, dek het af met plasticfolie of een natte theedoek en laat het op een warme plaats rijzen – minstens een uur, idealiter enkele uren. Het deeg moet duidelijk volumineuzer en luchtiger worden.
5. Roer de suiker en de kaneel voor de vulling onder elkaar en prak dat mengsel met een vork in de boter tot alles goed verdeeld is.
6. Verdeel het deeg in twee stukken. Rol elk stuk uit tot een rechthoekige lap van ongeveer 30 x 30 cm. Besmeer die egaal met de helft van de kaneelboter. Rol de lap netjes op. Snijd de rol in 12 plakken. Leg ze op een beboterde bakplaat of in een beboterde ovenschaal, met minstens 1,5 cm tussen ze in. Als je ze op een bakplaat bakt, dan zal hun buitenkant een beetje krokanter zijn. Als je ze in een ovenschaal bakt, dan zullen ze aan het eind van de rit aaneenplakken en een beetje stroperiger zijn. Ik denk dat ik een lichte voorkeur heb voor dat laatste, maar je hoeft de knoop niet door te hakken: je kan een deel in een schaal en een deel op de plaat daarnaast bakken. (Als je de broodjes wilt invriezen en later bakken, dan leg je ze meteen op een plaat in de vriezer. Zodra ze bevroren zijn, kan je ze stapelen in een bakje. Haal ze de avond voor je ze wilt bakken uit de vriezer. Leg ze op een beboterde bakplaat/schaal, laat ze op kamertemperatuur en onder plasticfolie ontdooien en pik hier weer aan bij het recept)
7. Dek de broodjes af met plasticfolie en laat ze nog eens rijzen, opnieuw minstens een uur, op een warme of alleszins tochtvrije plek.
8. Verwarm de oven voor tot 200°. Bestrijk de broodjes met het losgeklopte ei en strooi er suikerkorrels over. Bak ze ongeveer een kwartier (tot 20 minuten), tot ze goudbruin zijn. Haal ze dan meteen uit de oven, anders drogen ze uit. Eet ze warm of afgekoeld.

Reacties

16 Reacties

Post a comment
  1. Mme Zsazsa #
    december 16, 2012

    Jeuj, een kerstmenu, ik wil ALLE recepten!

  2. december 16, 2012

    Ik vind het prachtig wat je schrijft over je ideale kerst, ik ziekte voor me! En ja: recepten please!

  3. december 16, 2012

    Ik wil ook ALLE recepten, zeker combinaties met barbecue, Ardennen en een grote binnenkoer.

  4. december 16, 2012

    Ik wil ook wel zo’n kerst 🙂 en ❤ kaneelbroodjes!

  5. Sarah #
    december 16, 2012

    Ik wil ook ALLE recepten!

    Mmmm, kaneelbroodjes!

  6. inge #
    december 16, 2012

    mooi ! ik zie het huis op de heuvel, de kou, het wakker worden de volgende dag …

  7. december 16, 2012

    Oh, heerlijk kaneelbroodjes, volgens mij heb ik alle ingrediënten in huis!

  8. Ilse #
    december 16, 2012

    Heerlijk. Alles staat klaar om te beginnen. Morgen laatste dag voor de studentjes , dus mooie afsluiter voor morgenvroeg. Dank u Dorien!!! En ja graag de receptjes aub. 🙂

  9. Nadine #
    december 18, 2012

    Mmm… ziet er superlekker uit ! Wil ik zeker proberen. Ik bak heel veel zelf brood, maar heb geen ervaring met het ‘bakproces’ even te onderbreken door in te vriezen (wat me in het geval van de kaneelbroodjes wel handig lijkt als je ze als ontbijt wilt opdienen). Misschien domme vraag hoor… maar klopt het dat de broodjes nog narijzen eens ze ingevroren en ontdooid geweest zijn??? Ik denk dat ik morgen al probeer, 1 halve portie om direct te bakken, en eentje om in te vriezen… njammie. Bedankt!

    • december 18, 2012

      Dag Nadine,
      Ja, nadat je het deeg/De broodjes hebt laten ontdooien, laat je ze gewoon nog een keer rijzen, alsof je ze pas hebt ingevormd.
      Succes!

  10. Nadine #
    januari 2, 2013

    Dag Dorien,
    inderdaad, het lukt perfect ! Ze hebben ongelofelijk gesmaakt. Wel goed boter op de bakplaat en wat tussen de koekjes gedaan, zo waren ze extra smeuïg. Alles was op en is zeker voor herhaling vatbaar !
    bedankt
    Nadine

  11. Nadine #
    maart 10, 2013

    En ze vallen zo in de smaak dat ik er ondertussen altijd in de vriezer zitten heb! Op
    een luie middag deeg maken, invriezen en elk weekend heerlijke broodjes, zo simpel.

  12. Marie #
    november 24, 2015

    Hallo Dorien
    Zou het mogelijk zijn om de bloem van dit recept te vervangen door spelt of iets anders? (Kastanje?)
    En de melk, vervangen door havermelk? Ik denk dat dat misschien niet vet genoeg zal zijn..

Trackbacks & Pingbacks

  1. | JONGE SLA
  2. Kerstmis, de recepten | JONGE SLA

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Basic HTML is allowed. Your email address will not be published.

Subscribe to this comment feed via RSS